Wie er dit jaar kampioen wordt, hangt af van wie zijn auto het snelst en best kan ontwikkelen. Dat denkt McLaren-teambaas Martin Whitmarsh.

Zowel bij de coureurs als constructeurs gaat McLaren na de race in China aan de leiding. Regerend wereldkampioen Jenson Button dankt zijn eerste plek in het coureursklassement aan het feit dat hij twee van de eerste vier races op zijn naam heeft geschreven. Zijn teamgenoot Lewis Hamilton staat derde en maakt indruk met zijn aanvallende rijstijl en gedurfde inhaalpogingen.

Ondanks de successen is de McLaren MP4-25 doorgaans niet snelste bolide op de baan. Zo ook niet in Sjanghai, erkent Whitmarsh zelf: “In de kwalificatie hadden we, denk ik, de op één na snelste auto. We waren minder snel dan Red Bull.” Dat McLaren desondanks zeges pakt, is volgens Whitmarsh aan het collectief te danken. “Het is een bewijsschrift aan het team en de coureurs dat we hier gewonnen hebben”, zegt de teambaas.

Om aan kop te blijven, is het volgens Whitmarsh van essentieel belang dat McLaren de schouders eronder blijft zetten. “We moeten onze auto sneller ontwikkelen dan de rest”, zegt de Engelsman. “Barcelona wordt een uitdaging. Ik ben er zeker van dat alle teams met upgrades komen. Zelf moeten we hard werken om te zorgen dat we een grotere stap vooruit maken dan de rest.”

De bemoedigende start van het seizoen is volgens Whitmarsh een goede fundering om op verder te bouwen, nu het seizoen in Spanje, volgens het aloude cliché, echt gaat beginnen. “Het is nu een ontwikkelingsrace. We moeten onze auto sneller maken, maar ook de betrouwbaarheid niet vergeten. Als we ons blijven ontwikkelen en goed racen, kunnen we beide titels binnenhalen. Dus dat is wat we gaan proberen.”